Wat is een indienststellingskeuring van HVAC?
De indienststellingskeuring is de verplichte controle van een centraal stooktoestel voordat het in gebruik wordt genomen. De technicus controleert of het toestel veilig en correct werkt, voldoende verbrandingslucht krijgt en de verbrandingsgassen veilig worden afgevoerd.
De verplichting heeft specifiek betrekking op centrale stooktoestellen voor gebouwverwarming of de aanmaak van sanitair warm water. Ze mag daarom niet worden verward met een algemene controle van ventilatie, airconditioning, warmtepompen of andere HVAC-onderdelen.
De indienststellingskeuring gebeurt vóór het eerste gebruik of na bepaalde ingrijpende wijzigingen. Het periodieke onderhoud wordt daarna jaarlijks of tweejaarlijks herhaald, afhankelijk van de brandstof. Lees meer over de indienststellingskeuring in ons kenniscentrum.
Wanneer is de keuring verplicht?
De eigenaar moet een indienststellingskeuring laten uitvoeren wanneer een centraal stooktoestel:
- - Voor de eerste keer in gebruik wordt genomen.
- - Een nieuwe ketel of brander heeft gekregen.
- - Werd verbouwd of ingrijpend aangepast.
- - Naar een andere plaats werd verplaatst.
De controle moet plaatsvinden voordat het toestel effectief wordt gebruikt. Een nieuw centraal stooktoestel mag alleen in gebruik worden genomen wanneer het keuringsrapport dat uitdrukkelijk toestaat.
Bij wijzigingen aan het verbrandingsgedeelte moet een bevoegde technicus de goede en veilige werking opnieuw beoordelen. Een gewone aanpassing aan het hydraulische circuit, zoals het toevoegen van een radiator, leidt niet automatisch tot een nieuwe indienststellingskeuring.
Wie voert de keuring per brandstof uit?
De vereiste deskundigheid hangt af van de brandstof van het centrale stooktoestel:
- - Gas, aardgas, butaan of propaan: een erkende technicus gasvormige brandstof.
- - Stookolie of mazout: een erkende technicus vloeibare brandstof.
- - Vaste brandstof, zoals hout, pellets of steenkool: een geschoolde vakman.
De erkenning voor gas of stookolie is persoonlijk. Het volstaat dus niet dat het bedrijf van de technicus of een collega over de juiste erkenning beschikt.
Wat wordt bij de indienststelling gecontroleerd?
De technicus beoordeelt of het centrale stooktoestel veilig, correct en energiezuinig kan functioneren.
- - De algemene staat en correcte werking van het stooktoestel.
- - De aansluiting en afstelling van de brander.
- - De toevoer van verbrandingslucht en de ventilatie van het stooklokaal.
- - De schoorsteen, rookgasafvoer en trekvoorwaarden.
- - De gasdichtheid van de gasleiding en rookgasafvoer, indien van toepassing.
- - De verbrandingswaarden, het rendement en de uitstoot.
- - Mogelijke risico’s op rookgaslekken of koolstofmonoxidevergiftiging.
- - De bereikbaarheid en veilige bediening van de installatie.
Welke documenten en gegevens zijn nodig?
Maak vóór de keuring de technische gegevens van het toestel en de installatie beschikbaar.
- - Het merk, type, serienummer en bouwjaar van het stooktoestel.
- - Het nominale en maximale vermogen van de ketel.
- - De gebruikte brandstof en het type brander.
- - De installatie- en gebruiksvoorschriften van de fabrikant.
- - Technische fiches van de ketel, brander en rookgasafvoer.
- - Eerdere keurings- of onderhoudsattesten, indien van toepassing.
- - Informatie over uitgevoerde vervangingen, verbouwingen of verplaatsingen.
Geef de technicus tijdelijk toegang tot de technische fiches, eerdere attesten en installatiegegevens in Beconform. Zo kan de keuring efficiënter worden voorbereid en blijft het volledige bewijsdossier centraal beschikbaar.
Wat staat er in het keuringsrapport?
Na de keuring ontvang je een keuringsrapport met het resultaat van de controle. Het rapport bestaat uit een verslag van de keuring en, wanneer van toepassing, een verbrandingsattest.
Het document vermeldt onder meer de identificatie van het toestel, de uitgevoerde controles en metingen, de verbrandingsresultaten en het besluit of het centrale stooktoestel in gebruik mag worden genomen.
- - De identificatie en technische kenmerken van het stooktoestel.
- - De gegevens van de eigenaar, gebruiker en locatie.
- - De gebruikte brandstof en het vermogen van het toestel.
- - De meetresultaten en beoordeelde verbrandingswaarden.
- - Eventuele opmerkingen, gebreken of voorwaarden.
- - Het besluit of ingebruikname is toegestaan.
- - De naam, het erkenningsnummer en de handtekening van de technicus, indien een erkenning vereist is.
Keuringen van centrale stooktoestellen die sinds 1 januari 2023 worden uitgevoerd, moeten door de bevoegde erkende technicus digitaal worden geregistreerd in de toepassing Melding Centrale Stooktoestellen.
Wat gebeurt er wanneer het toestel niet conform is?
Een nieuw centraal stooktoestel mag niet in gebruik worden genomen wanneer het keuringsrapport dit niet uitdrukkelijk toestaat. Ook wanneer het verplichte rapport ontbreekt, mag het toestel niet worden gebruikt.
Laat de vastgestelde gebreken oplossen en plan daarna een nieuwe controle. Bewaar het eerste rapport, de herstelbewijzen en het uiteindelijke gunstige keuringsrapport samen in het installatiedossier.
Koppel in Beconform elke vastgestelde tekortkoming aan een verantwoordelijke en deadline. Zo blijft aantoonbaar wanneer het gebrek werd opgelost en op basis van welk rapport de installatie in gebruik werd genomen.
Wie is verantwoordelijk voor het keuringsrapport?
De eigenaar of verhuurder is verantwoordelijk voor het laten uitvoeren van de indienststellingskeuring. Bij verhuur moet de eigenaar een kopie van het keuringsrapport aan de huurder of gebruiker bezorgen.
De technicus is verantwoordelijk voor de correcte uitvoering en, wanneer de registratieplicht van toepassing is, voor de digitale melding. Het rapport moet daarna bij de installatie worden bewaard.
Veelgestelde vragen
De keuring is verplicht bij de eerste ingebruikname en wanneer de ketel of brander werd vervangen, het toestel werd verbouwd of het centrale stooktoestel werd verplaatst.
Ja. De verplichting geldt voor centrale stooktoestellen op gasvormige, vloeibare en vaste brandstoffen, waaronder aardgas, propaan, stookolie, hout en pellets.
Voor gas is een erkende technicus gasvormige brandstof vereist en voor stookolie een erkende technicus vloeibare brandstof. Een toestel op vaste brandstof moet door een geschoolde vakman worden gekeurd.
Nee. Een nieuw centraal stooktoestel mag alleen in gebruik worden genomen wanneer het keuringsrapport dat uitdrukkelijk toestaat.