Wat is een periodieke elektriciteitskeuring?
De periodieke elektriciteitskeuring controleert of een elektrische installatie tijdens haar gebruik veilig en in overeenstemming met het toepasselijke AREI is gebleven. Slijtage, defecten, wijzigingen en een onvolledig bijgehouden dossier kunnen de veiligheid en conformiteit beïnvloeden.
Na de controle ontvang je een periodiek keuringsverslag. Dat verslag vermeldt de gecontroleerde installatie, de uitgevoerde controles, eventuele inbreuken en het besluit van het erkende controleorganisme.
Periodieke keuring van huishoudelijke elektriciteit
Zodra de conformiteit van een huishoudelijke elektrische installatie tijdens een eerste controle is vastgesteld, moet de installatie in de regel om de 25 jaar periodiek worden gecontroleerd.
Voor tijdelijke, mobiele of verplaatsbare huishoudelijke installaties geldt een kortere termijn: deze moeten jaarlijks worden gecontroleerd.
- - Woningen en appartementen: om de 25 jaar.
- - Tijdelijke installaties, mobiele installaties en werfkasten: jaarlijks.
- - Een belangrijke wijziging of uitbreiding kan eerder een nieuwe conformiteitskeuring vereisen.
- - Een verkoopcontrole is een afzonderlijk keuringsregime en mag niet automatisch met de periodieke controle worden gelijkgesteld.
Bij de verkoop van bepaalde oudere wooneenheden kan een controle verplicht zijn wanneer na 1 oktober 1981 nog geen volledig gelijkvormigheidsonderzoek werd uitgevoerd. Hiervoor gelden afzonderlijke voorwaarden en hersteltermijnen.
Periodieke keuring van niet-huishoudelijke elektriciteit
Niet-huishoudelijke elektrische installaties moeten na hun eerste conformiteitscontrole periodiek opnieuw worden gecontroleerd. De frequentie hangt af van het type installatie en het aanwezige risico.
- - Hoogspanningsinstallaties: jaarlijks.
- - Installaties in zones met explosiegevaar: jaarlijks.
- - Tijdelijke, mobiele of verplaatsbare installaties: jaarlijks.
- - Alle andere niet-huishoudelijke elektrische installaties: om de 5 jaar.
De termijn van vijf jaar geldt bijvoorbeeld voor veel laagspanningsinstallaties in kantoren, handelszaken, werkplaatsen en andere bedrijfsgebouwen. De gemeenschappelijke delen en technische lokalen van residentiële gehelen worden eveneens als niet-huishoudelijke installaties beschouwd.
Op arbeidsplaatsen moet de werkgever bovendien rekening houden met de Codex over het welzijn op het werk. Een risicoanalyse, het onderhoud van de installatie en de bescherming van werknemers blijven noodzakelijk tussen twee periodieke controles.
Wat wordt periodiek gecontroleerd?
Het controleorganisme onderzoekt of de installatie veilig en conform is gebleven sinds de vorige controle. Daarbij worden onder meer de volgende punten gecontroleerd:
- - De algemene staat en het veilige gebruik van de installatie.
- - De bescherming tegen elektrocutie, overbelasting en kortsluiting.
- - De aarding, equipotentiale verbindingen en differentieelschakelaars.
- - De verdeelborden, beveiligingen, leidingen en elektrische componenten.
- - De overeenstemming van schema’s en plannen met de werkelijke toestand.
- - De opvolging van eerdere opmerkingen, wijzigingen en uitbreidingen.
- - De voorgeschreven metingen en beproevingen.
Welke documenten leg je voor?
Voor een huishoudelijke installatie zijn de eendraadschema’s, situatieplannen en eerdere controleverslagen essentieel. Voeg ook de beschrijvingen en technische documentatie van wijzigingen aan het elektrische dossier toe.
Voor een niet-huishoudelijke installatie omvat het dossier onder meer stroombaanschema’s, situatieplannen, plannen van aardverbindingen en documenten over uitwendige invloeden. Naargelang de installatie kunnen ook risicoanalyses, berekeningsnota’s, zoneringsdocumenten en documenten van veiligheids- of kritische installaties nodig zijn.
In Beconform bewaar je het volledige elektrische dossier per gebouw en installatie. Je kunt het controleorganisme tijdelijk toegang geven, zodat de juiste plannen, attesten en vorige opmerkingen vóór de keuring beschikbaar zijn.
Hoe verloopt de periodieke keuring?
De keurder controleert eerst de identificatie van de installatie, het vorige verslag en de beschikbare schema’s en plannen. Wijzigingen sinds de vorige controle worden met de actuele toestand vergeleken.
Daarna volgt een visuele controle en worden de nodige metingen en beproevingen uitgevoerd. Na afloop ontvang je een verslag waarin staat of de installatie conform is en welke eventuele inbreuken moeten worden opgelost.
Zorg dat verdeelborden, technische ruimten, aardingsonderdelen en relevante installatiedelen bereikbaar zijn en dat een bevoegde contactpersoon beschikbaar is.
Wat gebeurt er bij een niet-conform verslag?
Bij een huishoudelijke installatie moeten de tijdens de periodieke controle vastgestelde inbreuken onmiddellijk worden verholpen. Als de installatie in dienst blijft, moeten passende maatregelen gevaar voor personen en goederen voorkomen. Uiterlijk binnen één jaar moet hetzelfde erkende controleorganisme een bijkomend controlebezoek uitvoeren.
Bij een niet-huishoudelijke installatie moeten vastgestelde inbreuken eveneens zonder uitstel worden verholpen. Wanneer de installatie in dienst blijft, moet de eigenaar, beheerder of uitbater onmiddellijk maatregelen nemen zodat de inbreuken geen gevaar voor personen of eigendommen veroorzaken. In Beconform kun je voor iedere inbreuk eenvoudig een ticket aanmaken, toewijzen en opvolgen tot de nodige herstelactie is uitgevoerd.
Registreer elke inbreuk als actie, koppel bewijs van het herstel aan de installatie en laat Beconform automatisch waarschuwen wanneer de bijkomende controle of volgende periodieke keuring nadert.
Hoelang is een periodiek keuringsattest geldig?
Het keuringsverslag beschrijft de toestand op de datum van de controle. De datum van de volgende verplichte controle wordt bepaald door het toepasselijke keuringsregime: 25 jaar voor huishoudelijke installaties en 5 jaar voor niet-huishoudelijke installaties.
Voor hoogspanningsinstallaties, installaties in zones met explosiegevaar en tijdelijke, mobiele of verplaatsbare installaties geldt een jaarlijkse controle. Een belangrijke wijziging, uitbreiding of een veiligheidsprobleem kan ervoor zorgen dat eerder een bijkomende controle nodig is.
Veelgestelde vragen
Na de eerste conformiteitscontrole moet een huishoudelijke installatie in de regel om de 25 jaar periodiek worden gecontroleerd. Voor tijdelijke, mobiele of verplaatsbare installaties geldt een jaarlijkse controle.
De meeste niet-huishoudelijke installaties worden om de 5 jaar gecontroleerd. Voor hoogspanning, explosiegevaar en tijdelijke, mobiele of verplaatsbare installaties geldt een jaarlijkse controle.
Voor een gewone volgende periodieke controle kun je een erkend controleorganisme kiezen. Bij een bijkomend huishoudelijk controlebezoek na een ongunstig periodiek verslag moet in principe hetzelfde erkende controleorganisme controleren of de inbreuken zijn opgelost.
Nee. Een verkoopcontrole voor bepaalde oudere huishoudelijke installaties is een afzonderlijk keuringsregime met eigen voorwaarden. De periodieke controle volgt de vaste controlecyclus van de installatie.